Margot

Anjet Daanje: De herinnerde soldaat

Een onbekende auteur, een onbekende uitgeverij ... en dan toch (mijn) beste boek van het jaar! De scenarioschrijfster Anjet Daanje publiceerde in 2019 de vuistdikke roman De herinnerde soldaat, die ruim een jaar later (na een late maar juichende recensie in de NRC) opeens heel goed ging lopen. Terecht, want het is werkelijk een práchtige roman!  Laat dit boek niet aan uw neus voorbij gaan. De schrijfster schoffert de ene regel na de andere die wij op school hebben meegekregen - een zin nóóit met 'En' beginnen; nooit twee zinnen op dezelfde manier beginnen - en ze komt er niet alleen mee weg, nee, ze imponeert de lezer die onherroepelijk door de knieën gaat en zich over moet geven. En dan vervolgens beloond wordt met een schitterend literair werk, waarvan de plot ook nog eens spannend is. De Eerste Wereldoorlog is afgelopen en een soldaat wiens geheugen compleet is verdwenen wordt opgenomen in een gekkenhuis (toen heette dat nog zo). Een jonge vrouw met een paar kinderen herkent hem aan een litteken onder zijn haar en neemt hem mee naar huis, vastbesloten hem zijn geheugen terug te geven. Zij bestierteen fotowinkel waar hij zich nuttig maakt door te poseren als soldaat tegen een achtergrond van België in oorlog, een favoriet prentje voor vrouwen die hun echtgenoten verloren in de oorlog. Julienne, de vrouw, helpt hem zijn herinneringen terug te vinden door consequent de hare aan hem te vertellen, in een soort hypnotiserende cadans (die nog versterkt wordt door al de zinnen die met 'En' beginnen...). Pas gaandeweg het boek (538 blz!) bekruipt de lezer het gevoel dat er iets niet klopt. Die foto's, die worden geretoucheerd... Die herinneringen, die worden welhaast opgedrongen... En waar was Julienne eigenlijk, tijdens de oorlog? Verder verklap ik niks. Lezen, die Herinnerde soldaat!

Gerda Blees: Wij zijn licht

Gebaseerd op een waargebeurd drama en toch tot een literair hoogstaand boek verwerkt: Gerda Blees (1985) deed het. In Wij zijn licht volgt de lezer in korte, pregnante hoofdstukken het overlijden van een woongroepbewoonster die zódanig opgaat in het leven van licht en liefde dat ze uiteindelijk versterft. Die hoofdstukjes zijn allemaal geschreven vanuit een heel ander en wonderlijk perspectief, beginnend met steeds dezelfde woorden: Wij zijn ... Zo is er het perspectief van de nacht, van het lichaam van Elisabeth, van een cello, van een sinaasappelgeur - je kunt het zo gek niet bedenken. Eerst denk je: wat maak je me nou? maar als je overstag gaat werkt het fantastisch! Echt een pareltje van een roman.

Judith Fanto: Viktor

Van deze prachtige debuutroman zijn in korte tijd reeds 30.000 exemplaren verkocht. Inmiddels is ook een Duitse vertaling gemaakt, die binnenkort gaat verschijnen - met veel tam-tam. In dit boek verweeft de schrijfster, Judit Fanto, twee verhaallijnen die beide een flinke dosis "waargebeurd" bevatten. In de ene verhaallijn, die zich afspeelt in Wenen tussen de twee wereldoorlogen (er zijn oninteressantere settings denkbaar), speelt een Viktor Rosenbaum de rol van zwart schaap in een rijke joodse familie totdat de Anschluss in 1938 hem de kans geeft zich te ontpoppen als een held en mensenredder. De andere verhaallijn gaat (ongeveer in het hier en nu) over een jonge vrouw (ongeveer de auteur) die worstelt met haar joodse afkomst en maar niet kan begrijpen waarom er over oom Viktor zo gezwegen wordt. Ze besluit haar familieachtergrond te onderzoeken en stuit op een onwaarschijnlijk maar waar familiegeheim. De Duitse pers heeft al voor verschijnen veel interesse getoond in deze roman. Het is ook echt een aanrader!

Józef Wittlin: Het zout der aarde

320 pagina's waarin hoegenaamd niets gebeurt - je moet er maar zin in hebben. Toch is de beloning voor de lezer van Het zout der aarde enorm. In deze pas laat tot meesterwerk gebombardeerde roman (vertaald uit het Pools) van de met Joseph Roth bevriende schrijver Józef Wittlin bereidt een doodgewone man zich voor op de Eerste Wereldoorlog. Piotr is een eenvoudige baanwachter in wat nu het grensgebied tussen Oekraïne en Roemenië is, en maakt deel uit van de bevolkingsgroep der Hoetsoelen. Hij is niet getrouwd, want hij wacht nog op een bruid die mooi en ook rijk is. Intussen slaapt hij met een vrouw die voor hem kookt, maar met haar kan hij niet trouwen omdat ze geen maagd meer is. Zijn hele waardigheid ontleent hij, analfabeet die niet weet wat links of rechts is en als lastdrager werkzaam op een piepklein stationnetje, aan de baanwachterspet die hij mag dragen als hij de opgeroepen baanwachter opvolgt. De helft van de roman speelt zich af rond dat stationnetje, waarlangs treinen vol oorlogsmaterieel en soldaten naar het oosten trekken en na een tijdje weer zwaargehavend terugkeren, en in de 'kazerne' waar zijn lichting kanonnenvlees wacht op een marsorder. Wat het boek zo bijzonder maakt is nu juist dat er zo weinig gebeurt, wij kunnen natuurlijk in retrospectief allerlei onzekerheden en bange vragen van de soldaat-in-wording invullen, wat zijn verwachtingen des te navranter maakt.  Met een bijzonder gevoel voor humor - anti-joodse sentimenten worden bijvoorbeeld als volstrekt vanzelfsprekend voorgesteld - schreef Wittlin een fantastische anti-oorlogsroman, die de lezer bedroefd achterlaat louter omdat het boek geen forse trilogie geworden is, zoals gepland. De manuscripten gingen verloren bij de vlucht van de joodse auteur naar Amerika voor aanvang van die andere wereldoorlog.

Annie Ernaux: De jaren

De Franse schrijfster Annie Ernaux (1940) heeft haar zorgvuldig in elkaar gezette relaas over de periode 1940-2021 in Frankrijk opgezet als een "onpersoonlijke autobiografie". Ze vertelt, vaak aan de hand van een familiekiekje, haar persoonlijke geschiedenis van de afgelopen halve eeuw, en probeert dan telkens haar eigen herinneringen en meningen-van-toen in een veel breder kader te trekken. Als ik me niet vergis (maar zeker weten is moeilijk, er staan helaas géén noten in haar boek) vergelijkt ze haar methode zelfs met die van Vassili Grossman in diens overweldigende Leven en lot. Dat niveau haalt Ernaux niet, bij lange na niet zelfs. Maar De jaren is wél een heel onderhoudende roetsjbaan langs allerlei (halfvergeten) feiten en Aha-Erlebnisse uit de genoemde periode. Haar eigen belevenissen (opklimmen op de sociale ladder, een mislukt huwelijk, de Vietnamoorlog, een eetstoornis - niks nieuws maar juist veel herkenbaars) tegen een heel Franse achtergrond. Recensente Margot Dijkgraaf, toch zeker niet de eerste de beste, vergelijkt haar boek in de NRC zelfs met de romancyclus Op zoek naar de verloren tijd van zo'n andere grootheid, Marcel Proust. Nee, De jaren kan prima op eigen benen staan. Dan is het een soms door moeilijke woorden lastig leesbaar verhaal over een o zo bekende en toch bijna vergeten tijd.

Lion Feuchtwanger: Wartesaal-Trilogie

Hoewel geschreven voor de Tweede Wereldoorlog zijn de drie romans van Lion Feuchtwanger (1884-1958) die samen de Wartesaal-Trilogie vormen eigenlijk heel actueel. Ook al zijn ze niet (meer) in het Nederlands leverbaar.

In Erfolg (1930) , Die Geschwister Oppermann (1935, eerst verschenen bij Querido!) en Exil (1939) beschrijft Feuchtwanger, die zelf tijdens een buitenlandse reis verrast werd door de machtsovername van de nazi’s en noodgedwongen emigrant werd, de opkomst van het nazisme vanuit de optiek van joodse Duitsers. Erfolg speelt zich nadrukkelijk in München af, Feuchtwangers eigen stad, en behelst het verhaal van een kunstcriticus (net als de auteur) die in gevangenschap belandt. Is het vanwege een leugentje in  de rechtbank, of omdat hij pleitte voor de ‘verkeerde’ kunst die de nieuwe machthebbers onwelgevallig is? Zijn vriendin wacht en wacht en wacht op zijn vrijlating, net als hijzelf. Wartesaal-Trilogie, ik zei het al. Tegen een achtergrond van een steeds minder vrolijk wordend München schildert Feuchtwanger de opkomst van de bruine macht.

In Die Geschwister Oppermann volgen we drie joodse broers en een zus, die bv chirurg, meubelfabrikant of bonvivant zijn, en een voor een door het nieuwe regime op de knieën worden gebracht. Tergend langzaam – wachten, wachten - worden de duimschroeven door de nazi’s aangedraaid, en we weten dat de auteur zelf tot 1933 niet geloofde dat Hitler ook echt aan de macht zou komen! Het laatste deel van de trilogie, Exil, speelt zich helemaal af in Parijs onder joods-Duitse emigranten die sappelen om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien.  De emigranten wachten, wachten en wachten op betere tijden, op wérk vooral. Waarmee we in de huidige tijd belanden: vluchtelingen hebben naast bed, bad en brood héél erg behoefte aan WERK. Dat maakt het hele verschil tussen teloorgang en het redden.

Verder valt er aan het Duits van Feuchtwanger bijzonder veel plezier te beleven! Zo onderscheidt hij binnen een boek de volgende baarden en snorren: Schnauzbart, Schnurrbart, Knebelbart, Backenbart, Vollbart en Schläfenbart! Smullen dus, rond de 2000 bladzijden lang. Voor de geduldige lezers onder ons!

Julian Barnes: The Only Story

Die allereerste liefde, en hoe je daar eigenlijk nooit meer van geneest…

In zijn analyserende en toch prachtige stijl onderzoekt de auteur een verpletterende liefde van een 19-jarige student voor een veel oudere, getrouwde vrouw. Het gaat van hemelhoogjuichend gestaag naar een verschrikkelijk dieptepunt. En onderwijl gaat de lezer net als de verteller steeds meer twijfelen aan de oprechtheid van het geheugen van de man die terugkijkt. Een schítterende roman!

Robert Seethaler: De Weense sigarenboer (Der Trafikant)

Een verrukkelijk boek van de Oostenrijkse auteur die dat andere heerlijke boek schreef, Een heel leven (Ein ganzes Leben): Robert Seethaler. In De Weense sigarenboer maken we kennis met een jonge knaap van het platteland, die in de grote stad Wenen een bestaan probeert op te bouwen als knecht van een kioskhouder. Van een Jóódse kioskhouder, in 1937, wiens klantenkring onder anderen een zekere Sigmund Freud omvat. De aandenderende tragiek laat zich raden, maar Seethaler weet met zijn subtiele stijl de grootste drama’s zelfs nog met een zweem van superieure humor te schilderen. Was dit het Beste Boek van 2017 misschien…?

Martin Michael Driessen: De pelikaan

Prachtig omslag, dito inhoud. Driessen maakte al indruk met zijn haast ouderwetse stijl in de verhalenbundel Rivieren en met De pelikaan bevestigt hij die perfect. Twee mannen, doodgewone mannen, in een dorp dat middenin de Balkanoorlog belandt. Die oorlog blijft ver op de achtergrond, alle aandacht gaat naar het verknopen van de beide doodgewone mannenlevens in een wervelende destructieve dans.

Martin Hendriksma: De Rijn

De schrijver/journalist Hendriksma reisde de Rijn na, van oorsprong tot monding in de zee, en schreef daarover een allemachtig onderhoudend boek vol verrassende anekdotes en prachtige verhalen die het complete zijn van Europa medebepaald hebben. Geert Mak heeft er een geduchte concurrent bij!

Hanny Michaelis: Lenteloos voorjaar. Oorlogsdagboek 1940-1941

De dichteres en latere echtgenote van Gerard Reve blijkt als gymnasiaste en jonge vrouw tijdens de oorlog een omvangrijk dagboek te hebben bijgehouden. In dit eerste van twee mooi gebonden Van Oorschot-delen: bijna 1000 bladzijden over kalverliefdes, schoolperikelen, onenigheden met ‘het ouderpaar’, en veel onbekommerd verwoorde meningen over talloze gelezen boeken in diverse talen. Haar even onbekommerde minachting voor ‘hbs-volk’, om nog maar te zwijgen van nsb-volk, is een van de bronnen van vreugde in deze uiterst lezenswaardige dagboekaantekeningen.

Pieter Waterdrinker: Tsjaikovskistraat 40

Autobiografisch verhaal van de in Sint Petersburg woonachtige journalist en schrijver Waterdrinker. Hij belicht gebeurtenissen rond dé Russische Revolutie, maar ook die rond latere en huidige revoluties. Erg prettig leesbaar, prettig eigenwijs en met een evenzo prettige bladspiegel – ruim gezet! Heel fijn winters leesvoer.

Guzel Jachina: Zulajka opent haar ogen

Echt gebeurd en helemaal doelbewust uit het (Sovjet)geheugen weggewist: in 1930 verdreven de communistische Russen met harde hand de boeren uit Tartarije, een gedeelte van het Sovjetimperium waar veel moslims woonden. Zij vielen ten prooi aan de ‘dekoelakisatie’, de deportatie van bijna 2 miljoen boeren die, omdat ze misschien een knecht hadden of wat vee, als ‘rijke koelakken’ werden beschouwd door Stalin. De Zulajka in dit boek is de grootmoeder van de auteur; het verhaal is zo of ongeveer zo gebeurd.

Zulajka’s man wordt doodgeschoten door de communisten omdat hij een handje graan niet afgestaan zou hebben, zijzelf, een volstrekt van haar man afhankelijk vrouwspersoontje, wordt op transport naar Siberië gesteld, naar een nog door de gevangenen op te bouwen kamp. De treinreis vol verschrikkingen erheen duurt een half jaar, het kamp moet letterlijk vanaf de grond zonder hulpmiddelelen of gereedschap worden opgebouwd. Zulajka blijkt zwanger te zijn en haar baby, een jongetje, doorstaat op wonderbaarlijke wijze de bevalling en zijn jeugdjaren in het kamp daarna.

De moordenaar van haar man is de kampcommandant en tussen hen beiden ontspint zich een bijzondere relatie. Dat is misschien een beetje een zoet accentje in de roman, maar verder beschrijft dit bijzondere boek niets dan verschrikkingen. De schrijfster is met dit boek genomineerd voor de Internationale Man Booker Prize. Lees het maar, erg bijzonder!

Aleksandr Skorobogatov: Cocaïne

Van de Antwerpse Rus Skorobogatov verscheen eerder het ultieme verhaal over jaloezie: Sergeant Bertrand. Meesterlijk! Nu is er Cocaïne, een veel nadrukkelijker Russisch absurdistisch verhaal. Het is een razende opeenvolging van koortsdromen eigenlijk, komisch en wrang, over het missen van een geliefde. Laat u meevoeren, geef u over. Heerlijk!

Johan Harstad: Max, Mischa & het Tet-offensief

Ook al ben ik op blz. 600 pas op de helft, toch durf ik al te zeggen dat dit een fantástisch en heerlijk boek is.

Een prachtige liefdesgeschiedenis, tegen een sprankelende achtergrond van zeer diverse maar allemaal NIEUWE Amerikanen in de VS van 1968 tot nu. Immigranten dus, en daarmee ook een uiterst actuele roman. Wanneer ben je ergens thuis?

Met veel referenties aan film, literatuur en vooral toneel. 1232 blz, € 29,99

Léon de Kort: Tom Dumoulin, argeloos als een vlinder

De grote wielrenner uit Limburg in een mini-biografie (of: biografietsje). Dumoulin won op spectaculaire wijze de Giro. Helaas doet hij niet mee aan de Tour de France, maar we hebben een heel aardig boekje over hem. Het werd geschreven door wielerverslaggever Léon de Kort, die in ronkend wielerproza de carrière van de ‘argeloze vlinder’ Tom Dumoulin schildert. Klein, fraai en gebonden uitgaafje, € 4,95

Hanna Bervoets: Fuzzie

Mag het een tikkeltje ánders zijn? In deze vierde roman van aanstormend talent Hanna Bervoets speelt een pluizig bolletje, zoiets als een wuppie, een belangrijke en absurdistische rol. Verder gaat dit bijzondere boek natuurlijk gewoon over de liefde… Van harte aanbevolen!

Adriaan van Dis: In het buitengebied

Altijd heerlijk om te lezen, en nu ook met een smartelijke rol voor de schrijver zelf.

Of… ís hij dat wel echt, die wat wonderlijke Van Dis in dit boek? Met zijn schitterende verteltalent houdt hij de lezer stevig aan zich vastgekluisterd. Lezen hoor!

pro-mbookslibr3 : libris